Hoe onderhoud je een dampkap?

Het spreekt voor zich dat je de duurzaamheid en goeie werking van je dampkap kan vergroten door er goed zorg voor te dragen. Er zijn een aantal zaken die je kan doen om je dampkap te poetsen of te onderhouden.
##video:edbbe2307v02_nl;center;p100##
Vooral reinigen
De filters
Doordat een dampkap de kooklucht opzuigt, komt er heel wat vet in de filters terecht. Naarmate de filters verzadigd raken, laten ze minder lucht door en werkt de dampkap minder goed. Een dikke vetlaag verhoogt bovendien het brandgevaar. Regelmatig reinigen is dus belangrijk voor de werking én de veiligheid.
Wanneer reinigen?
Hoe vaak je de filters moet schoonmaken, hangt af van je kookgedrag en de voorschriften van de fabrikant. Controleer de filters geregeld en reken doorgaans op een reinigingsbeurt om de twee tot vier weken. Voelen de roosters kleverig aan of zie je duidelijk vet zitten? Dan is het tijd om aan de slag te gaan.
Sommige dampkappen geven met een lampje of melding aan wanneer de vetfilters aan een reinigingsbeurt toe zijn. Vaak gebeurt dat op basis van het aantal gebruiksuren. Blijf de filters ook zelf controleren en stel de indicator na het onderhoud opnieuw in volgens de handleiding.
Vooraf losweken
Om de vetten in eerste instantie los te weken, heb je aan wat water, natuurazijn en een citroen genoeg. Pers een halve citroen uit, en doe die samen met wat water en een kopje azijn in een kookpot. Zet de kookpot op het vuur en steek de dampkap aan.
Eens het mengsel kookt, zullen de kookdampen door de dampkap opgezogen worden en zullen de azijn en het citroensap het vet uit de filters al wat losweken. Laat dit een aantal minuutjes stomen en inwerken. Vergeet niet om de kookpot ook weer van het vuur te halen. Door de damp van het citroen-azijnwater zal dit vet al losgeweekt zijn, maar je moet alles natuurlijk nog poetsen.
Veilig voorbereiden
Schakel idealiter de dampkap uit en maak het toestel spanningsloos voordat je de filters verwijdert of de binnenkant schoonmaakt. Trek de stekker uit als die bereikbaar is, of schakel de betrokken stroomkring uit. Begin er ook niet aan net na het koken. Laat de kookplaat eerst voldoende afkoelen.
Kijk in de handleiding hoe je de filters losmaakt. Meestal gebeurt dat met een handgreep, schuifje of vergrendeling. Ondersteun de filter met je vrije hand terwijl je hem losklikt en kantel hem voorzichtig uit de houder. Bij een dampkap met randafzuiging moet je mogelijk eerst een afdekpaneel openen.
Met de hand schoonmaken
Vul een spoelbak of ruime teil met warm water en voeg een ontvettend afwasmiddel toe. Gebruik een product dat geschikt is voor het materiaal van je filters. Laat de roosters weken zodat het aangekoekte vet zachter wordt. Past de filter niet helemaal in het water, behandel hem dan in twee delen en draai hem tussendoor om.
Reinig beide zijden met een zachte afwasborstel of een niet-krassende spons. Reinig ook randen en hoeken. Werk voorzichtig: de fijne lagen van een metalen vetfilter mogen niet vervormen. Gebruik geen staalwol, harde schuurborstel of scherp voorwerp om vuil uit de openingen te peuteren. Zit er nog vet vast, herhaal dan het weken en poetsen.
Spoel de filters daarna grondig na met schoon, warm water, zodat er geen vet of reinigingsmiddel achterblijft. Laat ze goed uitlekken en volledig drogen voordat je ze terugplaatst. Zet ze daarvoor stabiel op een afdruiprek of een schone handdoek.
In de vaatwasser
Veel metalen vetfilters mogen in de vaatwasser, maar controleer dat altijd in de handleiding. Zowel het materiaal als de afwerking bepaalt wat mogelijk is. Volg de voorgeschreven temperatuur en gebruik een geschikt vaatwasmiddel. Kies niet zomaar het heetste of meest intensieve programma.
Plaats de filters zo dat het sproeiwater beide kanten kan bereiken en de sproeiarmen vrij kunnen draaien. Klem ze niet tussen andere onderdelen en was sterk vervuilde filters apart van je servies. Na de wasbeurt kunnen metalen filters wat verkleuren. Dat hoeft hun werking niet te beïnvloeden, maar controleer wel of ze schoon en onbeschadigd zijn. Laat ze ook na een vaatwasbeurt goed drogen.
Terugplaatsen
Maak ondertussen de filterhouder en de bereikbare randen van de aanzuigopening schoon met een licht vochtige doek en een mild reinigingsmiddel. Spuit niet rechtstreeks in de dampkap en zorg dat er geen vocht bij de motor, bedrading of bediening komt. Demonteer geen onderdelen waarvoor de handleiding geen onderhoud door de gebruiker voorziet.
Breng geen siliconespray of andere beschermlaag aan op de filters. Een vetfilter is bedoeld om vetdeeltjes op te vangen en moet na het reinigen zonder extra behandeling teruggeplaatst worden. Controleer of de vergrendeling goed vastklikt en sluit een eventueel afdekpaneel. Schakel de stroom weer in en controleer de werking. Gebruik de dampkap nooit zonder de voorgeschreven vetfilters.
Wegwerpfilters
Sommige, vooral oudere dampkappen werken met een vervangbare filtermat. Die is doorgaans niet bedoeld om uit te wassen. Vervang ze volgens de voorschriften, of eerder wanneer ze duidelijk verzadigd is. Heeft de filter een verkleuringsindicator, volg dan de bijbehorende aanwijzingen. Maak eerst de houder schoon en plaats vervolgens een passende nieuwe filter. Let daarbij op de juiste maat en plaatsingsrichting.
Koolstoffilters
Bij een recirculatiedampkap wordt de aangezogen lucht na filtratie opnieuw de keuken ingeblazen. Naast de vetfilters is er een geurfilter, vaak met actieve koolstof. Die heeft een andere functie: de vetfilter vangt vetdeeltjes op, terwijl de koolstoffilter kookgeuren helpt verminderen. De ene onderhouden vervangt het onderhoud van de andere dus niet.
Een gewone koolstoffilter moet je vervangen zodra de voorgeschreven gebruiksduur verstreken is. Sommige herbruikbare filters kun je reinigen of in de oven regenereren. Dat mag alleen als jouw filter daarvoor geschikt is, met de opgegeven methode, temperatuur en tijd. Raadpleeg daarom de handleiding voor het onderhoudsinterval. Blijven kookgeuren langer hangen, controleer dan ook deze filter.
Behuizing
Neem verse vetspatten geregeld weg met een zachte doek en een mild sopje. Gebruik voor inox, glas en gelakte delen een geschikt product en volg de onderhoudsvoorschriften. Wrijf bij geborsteld inox mee met de borstelrichting. Vermijd schuurmiddelen, schuursponsjes en agressieve of chloorhoudende reinigers: die kunnen krassen of vlekken veroorzaken.
Breng het middel aan op de doek en spuit niet rechtstreeks op het toestel. Maak de doek slechts licht vochtig, vooral rond toetsen en verlichting. Neem resten weg met een schone doek en droog het oppervlak na om strepen te voorkomen. Door de buitenkant kort maar regelmatig af te nemen, voorkom je dat vet en stof een hardnekkige laag vormen.