Duurzame bemesting begint met bodemanalyse

De juiste meststof gebruiken, in de juiste hoeveelheid, op de juiste plaats en op het juiste moment helpt om overbemesting te voorkomen. Zowel de plant, de bodemkwaliteit als het milieu dragen de vruchten van een bemesting op maat van de plant, evenals de gebruiker, die hierdoor bespaart. Een optimale, duurzame bemesting vereist kennis over de betrokken plant(en), en begint met een bodemanalyse.
Wat heeft de plant nodig?
Diverse elementen dragen bij tot de ontwikkeling en gezondheid van planten. Naast licht en warmte zijn ook water, zuurstof, CO2 en diverse nutriënten van vitaal belang. Die laatste worden ingedeeld al naargelang de hoeveelheid die de plant ervan nodig heeft – met afnemend belang: primaire macronutriënten (stikstof, fosfor, kalium), secundaire macronutriënten (calcium, magnesium, zwavel) en micronutriënten (ijzer, mangaan, zink, boor, koper, molybdeen, nikkel, chloor).

De optimale hoeveelheden van deze nutriënten hangen af van de nutritionele noden van de plant en diens ontwikkelingsfase. Kennis van deze noden is een eerste voorwaarde voor een optimale, efficiënte en duurzame bemesting.
Hoe voedzaam en groeibevorderend is de bodem?
Vervolgens komt het erop aan om na te gaan welke nutriënten al beschikbaar zijn in de bodem. Dit kan door middel van een bodemanalyse.
Zo'n analyse kan bovendien inzicht bieden in diverse bodemeigenschappen die de nutriëntenopname door de plant bepalen: grondsoort, zuurtegraad, bodemstructuur (aggregaten, klonters) en bodemtextuur (relatieve verhoudingen van zand-, slib- en kleipartikels).
Op basis van de bodemanalyse bepaalt men welke ingrepen er nodig zijn om het doel van de bemesting te bereiken. Blijkt het stuk bodem geen goede kweekgrond voor de planten, dan kan een meststof met een nutriëntenmix op maat worden toegepast – indien nodig met een bodemverbeteraar om de opname van de nutriënten door de plant te verbeteren.
Voor optimale bemesting is het essentieel om de juiste meststoffen op het juiste moment, in de juiste hoeveelheden, vorm en locatie toe te passen
Idealiter wordt deze meststoffenmix maximaal opgenomen door de plant. Resterende meststof veroorzaakt immers verschillende potentiële problemen (eutrofiëring door uitspoeling, beschadiging van plantdelen bij te hoge lokale concentratie).
Voor een optimale bemesting komt het erop aan om de juiste meststoffen toe te passen op het juiste moment, in de juiste doses en aangewezen vorm, en op de juiste plaats. De tuinier kan hierbij kiezen uit universele en gespecialiseerde meststoffen.
Universele meststoffen

Universele meststoffen bevatten een uitgebalanceerde mix van de primaire macronutriënten: stikstof (N), fosfor (P) en kalium (K), in vele gevallen in gelijke verhoudingen – op de verpakking zichtbaar als NPK (bijv. 10-10-10 of 20-20-20).
Deze meststoffen zijn ontworpen voor algemeen gebruik en zijn geschikt voor een breed scala aan planten en tuinsituaties. Ze bieden een basisniveau aan voedingsstoffen ter ondersteuning van de groei van de meeste tuinplanten, waaronder groenten, bloemen en gazons.

Universele meststoffen zijn gebruiksvriendelijk en handig voor tuiniers die een eenvoudige oplossing willen voor het voeden van hun planten zonder dat ze de meststof hoeven af te stemmen op specifieke behoeften van de plant. Ze zijn bovendien wijd verkrijgbaar bij tuincentra.
Gespecialiseerde meststoffen

Gespecialiseerde meststoffen zijn samengesteld om te voldoen aan de specifieke voedingsbehoeften van bepaalde planten, grondsoorten, groeistadia... Ze kunnen hogere of lagere concentraties van bepaalde voedingsstoffen bevatten, afhankelijk van het beoogde gebruik.
Een meststof voor bloeiende planten kan bijvoorbeeld een hoger fosforgehalte hebben om de bloei te bevorderen, terwijl een meststof voor bladgroenten rijker kan zijn aan stikstof, dat bladgroei bevordert.
Gespecialiseerde meststoffen zijn ontworpen voor specifieke groepen van planten, zoals zuurminnende planten (bv. azalea's, bosbessen), gazons of moestuinen. Ze kunnen ook worden afgestemd op specifieke bodemomstandigheden, zoals alkalische of zandige bodems.
Door precies die voedingsstoffen te leveren die specifieke planten nodig hebben, kunnen gespecialiseerde meststoffen de diverse aspecten van de ontwikkeling en gezondheid van de plant gerichter en dus efficiënter verbeteren.
Hoe optimaal bemesten?
Ken de noden van de plant(en)
Elke plant heeft specifieke hoeveelheden nodig van de verschillende soorten nutriënten voor een goede ontwikkeling en gezondheid. Kennis van deze noden is nodig om de juiste meststof te kunnen kiezen.
Doe een bodemanalyse
Voordat je overgaat tot het kopen van meststoffen, doe je best eerst een bodemanalyse. De analyseresultaten, samen met kennis van de specifieke voedingsbehoeften van de plant(en), zijn sturend bij de keuze van de meststof(fen).
Bemest volgens de ontwikkelingsfase
Gebruik een meststof op maat van de ontwikkelingsfase van de plant (wortelvorming, bloei, vruchtvorming...). Zo zal een plant voor zijn bloei baat hebben bij een hoger fosforgehalte (bv. NPK 5-10-5).
Minerale (synthetische) meststoffen zijn ideaal daar waar een snelle opname van de nutriënten nodig is
Overweeg minerale meststoffen
Minerale (synthetische) meststoffen zijn ideaal daar waar een snelle opname van de nutriënten nodig is (bv. om bladvergeling sneller te verhelpen), of voor meer exacte formuleringen van NPK op maat van specifieke planten of ontwikkelingsfasen (bv. in hydrocultuursystemen).

Bepaalde synthetische meststoffen kunnen de pH in de bodem snel aanpassen, wat cruciaal is voor planten die voor hun ontwikkeling bijvoorbeeld een zurige bodem vereisen, zoals blauwe bessen.
In koudere klimaten breken microben organisch materiaal trager af. Synthetische meststoffen werken onafhankelijk van microbiële activiteit.
Een bijkomend voordeel van synthetische meststoffen is dat ze gegarandeerd vrij zijn van onkruidzaden en ziekteverwekkers.
Anderzijds zijn synthetische meststoffen sneller onderhevig aan uitspoeling (vooral N en P) wanneer ze worden toegepast op plaatsen waar de planten ze niet of moeilijk kunnen opnemen. Dit kan het grondwater verontreinigen en bijdragen aan eutrofiëring in waterlichamen, wat leidt tot schadelijke algenbloei en aantasting van het waterleven.
Overweeg organische meststoffen
Organische meststoffen van dierlijke of plantaardige oorsprong (compost, mest...) geven hun nutriënten trager af en verbeteren de bodemstructuur. Dit organisch materiaal is rijk aan humus, dat helpt om bodemdeeltjes aan elkaar te binden, waardoor de bodemstructuur verbetert en een kruimelige textuur ontstaat die gunstig is voor wortelgroei en waterinfiltratie.
Overweeg een CRF of SRF
Bij gecontroleerd vrijkomende meststoffen (Controlled Release Fertilizer – CRF) zitten de nutriënten in een gecoate meststofkorrel. Wanneer de korrel water opneemt doorheen de coating, lossen de nutriënten op en komen ze gaandeweg los uit de korrel. De coatingdikte en temperatuur bepalen de werkingsduur. Bij een lagere temperatuur werkt de meststof langzamer.

CRF's volgen beter de momentane voedingsnoden van de plant dan dat snelwerkende, makkelijk oplosbare meststoffen dit doen. Dit verkleint het risico op uitspoeling, hoge lokale zoutconcentraties... Bovendien volstaat in de meeste gevallen één toediening voor een volledig groeiseizoen.
Bij Slow Release Fertilisers (SRF) komt enkel het (uitspoelingsgevoelige) stikstof vertraagd vrij. Deze (ongecoate) meststofkorrels bevatten stikstof in een traagwerkende vorm, wat een beschikbaarheid over een langere periode garandeert.
Isobutylideendiureum en crotonylideendiureum zijn traagwerkende stikstofbronnen die steeds dezelfde samenstelling hebben. De eerstgenoemde werkt twee tot drie maanden en wordt afgebroken onder invloed van vocht – versnelt bij een te zure pH. Crotonylideendiureum werkt drie tot vier maanden, wordt afgebroken door micro-organismen en is pH-onafhankelijk.

Overweeg meststoffen met micro-organismen
Aan sommige organische meststoffen worden micro-organismen toegevoegd.
Bijvoorbeeld bacteriën die stikstof uit de atmosfeer omzetten in een voor de plant bruikbare vorm, zoals Rhizobium, die een symbiotische relatie met een vlinderbloemige vormt, en Azotobacter, die vrij in de bodem leeft.
Of schimmels, zoals mycorrhiza, die doorheen de wortelhaartjes van planten groeien en fungeren als een extensie van hun wortelsysteem, wat de opname van water en nutriënten vergroot.
Sommige fabrikanten voegen protozoa toe die zich voeden met micro-organismen die nutriënten in de bodem 'stelen'.
Kies de meststofvorm

Mestkorrels zijn gemakkelijk gelijkmatig te verspreiden rond individuele of diverse planten. Veel SRF's zijn korrels, waarbij de organische componenten de extra voordelen van die categorie bieden (geleidelijke afgifte, verbeterde bodemstructuur).

Oplosbare mestpoeders kunnen vermengd worden met water tot een vloeibare meststofmix met een concentratie op maat. Ze zijn toepasbaar op de bodem en op bladeren.
Vloeibare meststoffen worden bij toediening door middel van een gieter, sproeier of druppelirrigatie relatief snel opgenomen door de plant. Ze kunnen worden samengesteld voor specifieke behoeften van planten en zijn met name geschikt voor planten in bakken of potten, en voor bladvoeding.
De specifieke behoeften van de plant(en) zijn sturend bij de keuze van de meststofvorm. Waar een snelle opname gewenst is, kan bijvoorbeeld een vloeibare bladvoeding een oplossing bieden.
Volg de instructies
Gebruik meststoffen correct om het risico op uitspoeling en schade aan ecosystemen te beperken. Volg daartoe altijd nauwgezet de instructies van de fabrikant.
Met medewerking van Anorel, BELFertil, COMPO, DCM en ECOstyle