VERWERKING VAN TEGELVOEGMORTELS
Hoe enkele veelgemaakte fouten vermijden
Naast de keuze van de voegmortel is natuurlijk ook het correct verwerken ervan belangrijk om tot een kwalitatief eindresultaat te bekomen. Daarbij is het cruciaal om de voorschriften van de fabrikant nauwlettend te volgen.
Voorbereiding
Gereedschap
- voegbord, spons(bord) en sponsbak voor cementgebonden voegen;
- epoxy voegbord (hard) en viscose spons voor epoxy voegen;
- mixer met een laag toerental (< 500 tpm)
- mengkuip/emmer;
- emmer met proper water.
Het spreekt voor zich dat alle gebruikte materialen proper en ontdaan zijn van alle mogelijke verontreinigingen.
De ondergrond moet zuiver zijn, stabiel en droog.

Voorschriften fabrikant volgen
Belangrijk is om de voorschriften van de fabrikant nauwlettend te volgen zodat de verwerkingsspelregels reeds vooraf gekend zijn (denk aan waterdosering meng- en rijptijd).

Stap voor stap opvoegen
- Zorg ervoor dat het tegelwerk schoon en droog is. De exacte droogtijd van de tegellijm vindt u op de verpakking of technische fiche van de lijm. Meestal is dit 24 uur.
- Controleer of de voegen vrij zijn van tegellijm. Dit is noodzakelijk om een goede hechting, een gelijkmatige droging en een homogene kleur van de voeg te verzekeren. Is dit niet het geval, krab de voegen dan eerst uit.
- Hierna maakt u de voegmortel aan. De juiste werkwijze staat vermeld op de verpakking en in de technische fiche van het product.
Respecteer voor cementgebonden soorten steeds de aanbevolen hoeveelheid aanmaakwater. Te veel water kan ontmenging veroorzaken, wat de uitharding van de voeg belemmert en waardoor de voegen zwaktes vertonen. Bovendien werkt dit verkleuring in de hand.
Te weinig water, zeker bij smallere voegen, geeft kans op wateronttrekking door de omgeving als gevolg van het stopzetten van het afbindings-/hydratatieproces. Ook dit kan leiden tot kleurnuances en op termijn tot loskomende voegen. Mengtijden, mengmethode en eventuele rijptijd zijn tevens bepalend voor het eindresultaat. - Om de voegmortel aan te brengen, schept u een deel voegmortel op de voegspaan. Smeer de mortel nu diagonaal op de tegels uit en vul de voegen tot ze ‘vol’ zijn. Verwijder het teveel aan voegmortel met een voegspaan vastgehouden in een meer verticale hellingshoek van 45°.
- Het voegsel moet nu de tijd nemen om uit te harden – dat kan 20 of 45 min. duren, dit is moeilijk vooraf in te schatten. Stip de voeg met de vingertop aan om te controleren of de voeg klaar is om af te sponzen.
- Bevochtig nu lichtjes het tegelwerk met een vochtige handspons of sponsplank en laat 1 minuut rusten om de achtergebleven voegmortel los te weken.
- Maak de sluier met draaiende bewegingen los van de tegel. Gebruik een spons/sponsplank van goede kwaliteit en ververs regelmatig het water. Ook deze stap is cruciaal voor een mooi eindresultaat. Let daarom goed op volgende zaken:
- begin pas als de voeg voldoende uitgehard is;
- voorkom tocht en/of rechtstreekse bezonning;
- wring spons(bord) goed uit (vochtig, niet nat) en spoel herhaaldelijk;
- maak vrij langzame bewegingen bij het afkuisen;
- het water uit de spons vermengt zich met de achtergebleven voegmortel. Als u hiermee over de voeg wrijft terwijl die nog niet voldoende uitgehard is, krijgt u een vervuiling van het oppervlak van de voegen, wat zich uit in kleurverschillen;
- hol de voegen niet uit want hierdoor kunnen de tegelboorden achteraf beschadigd worden;
- ongeveer een week na het voegen verwijdert u de eventueel achtergebleven cementsluier met cementsluierverwijderaar; hou u aan de verwerkingsvoorschriften en bevochtig de vloer om de voegen te beschermen.

Afwerking plinten
Een plint is een overgang tussen wand en vloer. Deze plinten dienen op een correcte manier verlijmd te worden tegen de wand. Een plint wordt steeds ‘zwevend’ gemonteerd en mag geen fysisch contact hebben met de vloer. De plinten worden onderling gevoegd, maar alle aansluitingen (plint-vloer, muur-muur, vloer-muur) werkt u af met silicone, evenals de binnen- of buitenhoeken. Het type en de klasse van de kit hangt af van de voorziene bewegingen en van het risico op contact met bijtende stoffen. Bijkomend kan u bv. kiezen voor een kit met schimmelwerend karakter.
VEELGEMAAKTE FOUTEN
- Te weinig of te veel water bij het aanmaken;
- Onvoldoende of niet correct mengen van de voegmortel;
- Te snel na het voegen afwassen of te veel water bij afwassen; zo wordt het pigment vaak uitgewassen;
- Te lang wachten om af te wassen, slecht afwassen;
- Foutieve kleurkeuze;
- Een niet geschikte voegmortel gebruiken;
- Geen elastische voeg tussen vloer en plint en andere materialen, of de foute silicone gebruiken (zoals silicone voor keramiek bij natuursteen);
- Kalkuitbloeiing komt geregeld voor wanneer de droogtijd van de ondergrond en/of de tegellijm niet gerespecteerd wordt, of wanneer u te veel water gebruikt.