Zo laat u uw gevelschilderwerk langer meegaan

Het temperatuurverschil tussen pastel en donkere kleuren is enorm (Rust-Oleum)
Hoelang een geschilderde gevel mooi blijft, hangt af van de inwerking van de weerselementen, de omgeving en het type ondergrond. Kies hiervoor telkens het meest geschikte verfsysteem: meer of minder waterdampdoorlaatbaar, al dan niet geschikt voor vochtige ondergronden. De correcte voorbereiding en het herkennen van problemen is het halve werk. Schilder alleen in optimale omstandigheden voor het best mogelijke resultaat. En hou er bij de kleurenkeuze rekening mee dat lichte tinten een langer leven beschoren zijn.
OORZAKEN VAN DEGRADATIE
Een duurzaam gevelsysteem gaat gemiddeld acht tot twaalf jaar mee, afhankelijk van de samenstelling. Volgende elementen spelen een rol:

- Water onder de vorm van condens, slagregen, sneeuw, hagel …
- Vuildeeltjes op de verffilm zorgen voor een meer gestructureerd oppervlak, en dit is altijd sneller onderhevig aan degradatie. Het verkeer in stedelijke gebieden is de grootste veroorzaker van fijnstof. Deze vuilresten houden vocht en zuren vast die kunnen inwerken op het verfsysteem.
- Temperatuur: hoge temperaturen maken sommige gevelverven elastisch en/of plastisch waardoor de vervuiling meer verkleeft. Door extreem lage temperaturen wordt de verffilm dan weer te weinig elastisch. Vorst is vooral nefast op een vochtige ondergrond, die uitzet en waardoor de verf loskomt.
- Bio- en micro-organismen: groene aanslag, schimmels en algenaanslag duwen de verffilm los.
- Uv: alle gangbare bindmiddelen worden onder invloed van uv-licht afgebroken. De verbindingen tussen de bindmiddelen worden weggebrand waardoor het schilderwerk glans verliest, ruwer wordt en gaat krijten.
DUURZAAMHEID
Omgeving
De ligging is bepalend voor de snelheid van de degradatie. Aan de kust is er de eroderende werking van wind, zand, zout en een hogere uv-index. Hier kiezen we een sterkere oppervlakte-afwerking. Woningen in bosrijke gebieden zijn gevoeliger voor groenaanslag; dat maakt een mos- en algenwerend systeem met een hoge pH-waarde aangewezen. Voor de regenkant van een woning kiest u een waterwerende variant, bijvoorbeeld met een afparelende coating. Bij een hogere uv-belasting past een systeem dat meer uv-bestendig is. Als schilder begeleidt u met uw expertise de klant naar de meest duurzame oplossing voor zijn specifieke omstandigheden.
Een duurzaam gevelsysteem gaat gemiddeld acht à twaalf jaar mee
Type ondergrond
De levensduur wordt meebepaald door de ondergrond, die specifieke eigenschappen en vereisten heeft. Denk aan beton, dat best alleen met CO2-gesloten en dus carbonatatie-remmende gevelverven wordt behandeld, of het beton takelt af en degradeert. Bij kalkgebonden pleisters moet het systeem net CO2-open zijn, anders kunnen ze verpoederen en loskomen. Baksteen verdraagt in principe alle systemen en bepalend zijn de staat van de ondergrond, de omstandigheden en de verwachtingen. Ondergrondvoorbereiding is cruciaal: droog, stabiel en vrij van alle stoffen die de hechting benadelen. Ook het herkennen van problemen zoals zoutuitslag, hoge vochtwaarden, opstijgend vocht, nitraten, barstvorming en ijzerdeeltjes in de ondergrond is belangrijk.

Verfkeuze
Klassieke tweecomponenten silicaatverven zijn in eerste instantie ontwikkeld voor kalkrijke ondergronden zoals pleisterwerk. Bij waterverdunbare silicaatverven gemengd met een gering percentage acrylaatdispersie wordt de CO2-doorlaatbaarheid minder, maar met behoud van de eigenschappen van een silicaatverf.
Siloxaanverven zijn chemisch gebonden silicoonharsen met een acrylaat. Het voordeel is een uitstekende hechting op zowel minerale als niet-minerale ondergronden. Bovendien hoeft de minerale ondergrond niet vochtig te zijn bij toepassing zoals bij silicaat wel vereist is. De kleurkeuze is beperkter dan bij dispersieverven.
Dispersieverven zijn in tal van soorten beschikbaar. De CO2- en H2O-doorlaatbaarheid zijn beduidend minder, wel is waterdampdoorlaatbaarheid mogelijk. Voordelen zijn de onbeperkte kleurkeuze en het enigszins tot zeer elastische karakter.
Silaanverven (hybrides) verenigen de CO2 en dampopenheid met extreme waterwerendheid. Onbeperkte kleurenkeuze en ideaal voor monumenten en nageïsoleerde spouwmuren.
Het aantal lagen of beter gesteld de correcte laagdikte heeft ook een impact op de levensduurte
Duurzame oplossingen
Alle gevelsystemen zijn duurzaam in hun eigen segment; een silicaatsysteem scoort zeer goed aangezien deze verkiezelt en één wordt met de ondergrond zoals bakstenen en minerale pleisters. Naar het zuiver blijven van de verffilm toe is dan weer een siliconen/siloxaansysteem beter. Dit is meestal zeer micro-poreus, zodat de vervuiling zich moeilijker vasthecht en bij een regenbui weggespoeld wordt. Acrylaten ten slotte geven een goede bescherming tegen atmosferische vervuiling door de erg gesloten verffilm en de betere bestendigheid tegen agressieve verontreiniging door industrie.
Donkere versus lichte kleuren
Hoewel donkere kleuren in trek zijn, houdt het gebruik op gevels risico’s in. Ze komen onder spanning te staan wanneer de opwarming thermische bewegingen veroorzaakt. Dit leidt tot microscheurtjes, met in veel gevallen waterinfiltratie als gevolg. Bij poreuze ondergronden kan de warmteabsorptie nog leiden tot de verdamping van vocht, drukverhoging onder de coating en uiteindelijk tot blaren of afschilferen. Het temperatuurverschil tussen een wit of pastelkleurig oppervlak en een donker kan wel meer dan 30 °C bedragen. Kleurnuances voorkomen tussen bv. de zuid- en noordkant is heel moeilijk. Ze hebben beide een andere zonbelasting, en aangezien aan de noordzijde nooit zon komt, lijkt de kleur daar automatisch donkerder. Aan de zuidkant is de uv-belasting veel zwaarder waardoor de kleur vlugger vervaagt. Aangewezen zijn gevelverven met zoveel mogelijk anorganische pigmenten, aangezien deze uv-bestendiger zijn dan organische. Nadeel is wel het kleinere kleurbereik en de meestal minder intense kleuren. Wit blijft langer mooi en bevat vaak titaandioxyde, de stof die ook in zonnecrèmes gebruikt wordt.

Bij een gestructureerde ondergrond wordt de verf met een rol als het ware in de oneffenheden gemasseerd (Caparol)
Applicatie
Het aantal lagen of beter gesteld de correcte laagdikte heeft ook een impact op de levensduurte. Of u rolt of spuit, hangt af van de situatie. Zowel het rendement als het verbruik liggen bij spuiten hoger; wel is het zo dat bij een gestructureerde ondergrond rollen in vele gevallen beter is omdat de verf dan als het ware ‘gemasseerd’ wordt in dieperliggende oneffenheden. Maar veelal kan dit ook nog na het spuiten worden gedaan. De omstandigheden tijdens het verven zijn minstens even belangrijk als het juiste verfsysteem. Ideale temperaturen en luchtvochtigheid zijn 20 °C en 65%. Te koud, dan hecht de verf niet. Te warm, dan droogt ze te snel, wat kan leiden tot rolbanen en overlappingen. Is het te vochtig, dan blijft de verf te lang nat wat leidt tot uitspoeling van inhoudstoffen zoals emulgatoren, en witte uitbloedingen of vlekken. Verder verlengen planmatig uitgevoerde lokale herstellingen de duurzaamheid.

Met dank aan Akzo Nobel, Caparol, Copagro, Rewah, Rust-Oleum en Vistapaint