Twee derde van e-credit potentieel uit laadpalen blijft onbenut door Belgische bedrijven
Terwijl de elektrificatie van het wagenpark versnelt, missen Belgische bedrijven, retailzaken en parkinguitbaters massaal een substantiële inkomstenbron. Sinds 2024 kunnen uitbaters van (semi)publieke laadinfrastructuur zogenaamde e-credits of Hernieuwbare Energie-Eenheden (HEE's) verdienen voor elke geleverde kilowattuur. Uit cijfers van de FOD Economie blijkt echter dat het systeem sterk onderbenut blijft: in 2024 werd slechts 34% van de elektriciteit geleverd aan de vervoerssector omgezet in e-credits. VONK Energy luidt de noodklok en lanceert een gids om bedrijven te helpen deze structurele inkomstenstroom te activeren.
Van kostenpost naar inkomstenbron
Het e-creditsysteem is de Belgische vertaling van de Europese RED II-richtlijn. Het mechanisme verplicht brandstofleveranciers om een stijgend percentage hernieuwbare energie in hun brandstofmix aan te tonen. Om aan deze verplichting te voldoen en boetes te vermijden, kopen zij e-credits van uitbaters van laadinfrastructuur.
Voor bedrijven met laadpleinen, retail met bezoekersparkings en organisaties met toegankelijke laadpunten betekent dit een aanzienlijke extra inkomstenstroom bovenop de reguliere laadinkomsten. Bij een laadplein dat jaarlijks 100.000 kWh aflevert, kan dit oplopen tot meer dan €5.400 extra per jaar. Voor een snellaadstation met een volume van 1.000.000 kWh loopt de netto-opbrengst zelfs op tot €54.000 per jaar.
Schril contrast tussen potentieel en adoptie
Hoewel België eind 2024 meer dan 83.000 publieke en semipublieke laadpunten telde, blijft de adoptie van het e-creditsysteem achter. Volgens het officiële voortgangsrapport van de FOD Economie waren er eind 2024 slechts 55 exploitanten van laadinfrastructuur ingeschreven in het verplichte RET-register. Dit betekent dat slechts een fractie van de in aanmerking komende bedrijven profiteert van deze inkomsten. Twee derde van het potentieel bleef in het eerste jaar volledig onbenut.
In tegenstelling tot klassieke subsidies is het e-creditsysteem een door de markt gedreven mechanisme dat structureel verankerd is. Met de inwerkingtreding van de herziene Europese richtlijn RED III wordt de doelstelling voor hernieuwbare energie in transport verhoogd van 14% naar 29% tegen 2030. Dit garandeert een stijgende vraag naar e-credits en zorgt voor prijsstabiliteit op lange termijn.$
Complexe administratie vormt drempel
De belangrijkste reden voor deze onderbenutting is de administratieve complexiteit. Het systeem vereist strikte data-integriteit, kwartaalrapportages via het RET-register van de FOD Economie en overheidsaudits.
Om deze drempel weg te nemen, treedt VONK Energy op als erkende Inboekdienstverlener. VONK neemt het volledige proces uit handen, van registratie en data-extractie tot compliance en trading, op basis van een 'No Cure, No Pay' model. Hierdoor kunnen bedrijven zonder extra investeringen of administratieve lasten direct profiteren van de e-credit opbrengsten.
Tijd is geld
De deadline voor het inboeken van laadvolumes loopt per kwartaal. Na het verstrijken van de kwartaaldeadline zijn de geladen kWh definitief verloren en kunnen ze niet meer omgezet worden in e-credits.
"Elke maand vertraging is letterlijk geld dat u op de parkeerplaats laat liggen," waarschuwt VONK Energy in hun recent gepubliceerde whitepaper. "De integratie van e-credits transformeert de businesscase van laadinfrastructuur fundamenteel. De netto terugverdientijd van een installatie kan hierdoor halveren."
Bedrijven die willen weten hoeveel hun laadinfrastructuur waard is op de e-creditmarkt, kunnen een vrijblijvende analyse aanvragen of de uitgebreide whitepaper downloaden via www.vonk.energy.