Europese Commissie stimuleert wereldwijde concurrentiekracht van de auto-industrie
De Europese auto-industrie staat op een cruciaal keerpunt, met snelle technologische ontwikkelingen en toenemende concurrentie. Om deze uitdagingen aan te pakken, heeft de Europese Commissie onder leiding van voorzitter Ursula von der Leyen een Strategische Dialoog over de Toekomst van de Europese Auto-industrie gelanceerd. Hieruit is een Actieplan voortgekomen dat concrete maatregelen presenteert om de sector veerkrachtig en innovatief te houden, met een sterke nadruk op duurzaamheid en concurrentiekracht.
Versterking van de Europese productiebasis
Om strategische afhankelijkheden te verminderen en de Europese productiecapaciteit te versterken, stelt de Commissie € 1,8 miljard beschikbaar voor de ontwikkeling van een veilige en competitieve toeleveringsketen voor batterijgrondstoffen. Dit initiatief moet bijdragen aan de groei van de Europese auto-industrie en innovatie stimuleren.
Versnelling van innovatie en schone mobiliteit
Europese autofabrikanten lopen achter op het gebied van kunstmatige intelligentie, connectiviteit en automatisering. Daarom introduceert de Commissie de oprichting van de Europese Alliantie voor Geconnecteerde en Autonome Voertuigen, die industriepartners samenbrengt om gezamenlijke software- en hardwareplatformen te ontwikkelen. Daarnaast worden grootschalige testomgevingen en regelgevende "sandboxes" opgezet om nieuwe technologieën te testen en verfijnen. De EU reserveert hiervoor € 1 miljard aan publieke en private investeringen in de periode 2025-2027.
Tegelijkertijd stimuleert de Commissie de vergroening van bedrijfswagenparken. Bedrijven worden aangemoedigd om duurzame alternatieven te implementeren, aangezien zij verantwoordelijk zijn voor 60% van de nieuwe autoverkopen in Europa.
Flexibiliteit in CO2-normen
De Commissie erkent de noodzaak van meer flexibiliteit bij de naleving van CO2-reductiedoelstellingen. Daarom wordt een wijziging voorgesteld in de regelgeving voor CO2-normen, waarbij fabrikanten hun uitstootgemiddelden over een periode van drie jaar (2025-2027) mogen verrekenen. Dit geeft bedrijven de ruimte om eventuele tekortkomingen in bepaalde jaren te compenseren zonder de langetermijndoelstellingen in gevaar te brengen.
Versterking van de toeleveringsketen en ondersteuning van werknemers
Om een concurrerende productie van batterijcellen en -componenten in Europa te waarborgen, ondersteunt de Commissie de EU-batterijsector met financiering uit het Innovatiefonds. Ook worden directe productiesteunmaatregelen onderzocht, zoals criteria voor toeleveringsketenresistentie.
Daarnaast wordt er ingezet op arbeidsmarkttransities. De European Fair Transition Observatory analyseert de impact van de industriële verschuiving op werkgelegenheid en vaardigheden. De Commissie vergroot de reikwijdte van het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering (EGF) en werkt samen met lidstaten en sociale partners om extra financiering vrij te maken via het Europees Sociaal Fonds Plus (ESF+).
Wereldwijde concurrentiepositie en handelsverdediging
De EU neemt maatregelen om de industrie te beschermen tegen oneerlijke concurrentie uit het buitenland. Er worden handelsbeschermingsinstrumenten ingezet, zoals antisubsidiemaatregelen, en onderhandelingen met handelspartners voortgezet om markttoegang en grondstoffentoevoer te optimaliseren. Tegelijkertijd werkt de Commissie aan administratieve vereenvoudiging om de lasten voor Europese autofabrikanten te verlichten.
Intensieve samenwerking
Dit Actieplan is het resultaat van een intensieve samenwerking tussen de Europese Commissie, industrievertegenwoordigers en lidstaten. Het biedt een strategisch kader voor een duurzame en concurrerende toekomst van de Europese auto-industrie, met een sterke focus op innovatie, schone mobiliteit en economische weerbaarheid. Door gerichte investeringen en beleidsmaatregelen kan Europa een wereldleider blijven in de ontwikkeling en productie van de volgende generatie voertuigen.
Reactie van ACEA: Krachtig actieplan nodig voor een succesvolle transitie
De European Automobile Manufacturers' Association (ACEA) verwelkomt de pragmatische koerswijziging in het Actieplan van de Commissie te midden van wereldwijde marktuitdagingen, maar waarschuwt dat essentiële elementen nog ontbreken.
Europese voertuigfabrikanten hebben zich al sterk gecommitteerd aan emissievrije mobiliteit en miljarden geïnvesteerd in deze transitie. Echter, marktgegevens tonen aan dat fabrikanten dit proces niet alleen kunnen versnellen in het tempo dat door de EU-wetgeving wordt vereist. ACEA benadrukt de noodzaak van ambitieuze maatregelen om de laadinfrastructuur uit te breiden, vraagstimulerende prikkels te bieden en de productiekosten te verlagen voor alle voertuigcategorieën.
Sigrid de Vries, directeur-generaal van ACEA, stelt: "Het Actieplan benoemt belangrijke aandachtsgebieden waar direct actie nodig is. De voorgestelde flexibiliteit om CO2-doelen te halen is een welkome eerste stap naar een realistischere aanpak, afgestemd op de marktomstandigheden en geopolitieke realiteiten. Dit geeft fabrikanten van personenauto’s en bestelwagens enige ademruimte, mits de benodigde vraag- en infrastructuurmaatregelen nu ook echt worden geïmplementeerd.”
ACEA betreurt het ontbreken van een duidelijke toezegging om in 2025 de CO2-normen voor zware voertuigen te herzien. Dit is cruciaal om realistische voorwaarden te scheppen voor een haalbare transitie.
Reactie van CLEPA: Positieve stappen, maar cruciale kwesties blijven onopgelost
De Europese vereniging van toeleveranciers in de auto-industrie, CLEPA, verwelkomt het plan van de Commissie als een eerste stap, maar benadrukt dat essentiële uitdagingen nog niet worden aangepakt.
"Hoewel de flexibiliteit in CO2-normen een stap in de goede richting is, blijft de vraag hoe technologische neutraliteit concreet zal worden gewaarborgd", aldus CLEPA-secretaris-generaal Benjamin Krieger. "Europa moet een breed scala aan schone technologieën ondersteunen, waaronder plug-inhybrides, waterstof en hernieuwbare brandstoffen, om werkgelegenheid en concurrentiekracht te behouden."
Daarnaast pleit CLEPA voor een versnelling van regelgeving omtrent voertuigdata en autonome voertuigen. "Toegang tot voertuigdata is cruciaal voor innovatie, en vertragingen in regelgeving kunnen investeringen ondermijnen", waarschuwt Krieger. CLEPA dringt aan op een gelijk speelveld, zodat Europese toeleveranciers concurrerend kunnen blijven zonder marktdistorsie. De organisatie blijft nauw samenwerken met beleidsmakers om concrete oplossingen te bevorderen.
Reactie van IRU: Technologiekeuzes en infrastructuur blijven zorgen baren
De International Road Transport Union (IRU) waardeert de aandacht voor laadinfrastructuur en stimulansen voor de vergroening van bedrijfsvoertuigen, maar waarschuwt dat de technologiekeuze te eenzijdig is. "De EU zet alles in op batterij-elektrisch, terwijl andere schone technologieën, zoals waterstof en biobrandstoffen, nauwelijks worden overwogen", stelt Raluca Marian, directeur van IRU EU. "Lidstaten zijn verplicht infrastructuur voor waterstof te bouwen, maar dit wordt niet serieus meegenomen in de plannen."
Daarnaast uit IRU zorgen over mogelijke verplichtingen voor bedrijven om emissievrije voertuigen aan te schaffen. "Incentives en infrastructuur zijn cruciaal om de markt in beweging te krijgen, maar opgelegde aankoopdoelen kunnen bedrijven financieel in het nauw drijven en marktverstoring veroorzaken", aldus Marian. "Het blijft de vraag of het niet te vroeg is om dergelijke verplichtingen op te leggen, gezien de gebrekkige randvoorwaarden."
IRU blijft in gesprek met beleidsmakers om ervoor te zorgen dat de behoeften van de transportsector goed worden meegenomen in de regelgeving en financiering van de EU.
Reactie van T&E: Actieplan is een grote concessie aan de industrie
De milieuorganisatie Transport & Environment (T&E) stelt dat het Actieplan een te grote concessie aan de auto-industrie vormt en waarschuwt tegen verdere verzwakking van de klimaatdoelstellingen.
T&E erkent enkele positieve aspecten, zoals de geplande wetgeving voor de elektrificatie van bedrijfswagenparken, die de vraag naar Europese EV’s aanzienlijk kan stimuleren. Toch bekritiseert de organisatie de versoepeling van de CO2-doelstellingen voor 2025, wat kan resulteren in de verkoop van 880.000 minder elektrische voertuigen tussen 2025 en 2027 en een rem op betaalbare EV-modellen kan zetten.
De Commissie onderzoekt steunmaatregelen voor de Europese batterijproductie, maar volgens T&E is dit te weinig en te laat. In 2023 werd meer dan 100 GWh aan batterijcapaciteit geannuleerd in Europa door een gebrek aan concurrentievermogen en ongelijk speelveld ten opzichte van andere regio’s. T&E pleit voor gerichte financiële steun en bindende lokale productieregels om de Europese batterij-industrie te versterken.
Volgens Stef Cornelis, directeur elektrische wagenparken bij T&E: "Het is cruciaal dat de EU dit jaar bindende elektrificatiedoelen voor grote bedrijven voorstelt. Dit is niet alleen een noodzakelijke stap om emissies te verlagen, maar versterkt ook de Europese concurrentiepositie en geeft de batterij- en laadinfrastructuurindustrie de langetermijnzekerheid die ze nodig heeft.”